Anonymus, Lyrische hymne voor de Moiren (4e eeuw v.C.?)

De rijke archaïsche Griekse lyriek die grote auteurs als Sappho, Alkaios en Pindaros had voortgebracht, doofde vanaf de klassieke periode langzaam uit. In de hellenistische tijd werd nieuwe lyrische poëzie voornamelijk gelezen, maar toch werden ook nu nog gedichten gecomponeerd voor publieke voordracht bij lokale vieringen of religieuze festivals. Het leeuwendeel van deze dichtkunst is verloren gegaan, maar dankzij papyrusvondsten en citaten bij andere auteurs beschikken we nog over aanzienlijke, meestal anonieme, fragmenten uit deze latere lyrische poëzie. Zo maakte de Griekse geleerde Ioannes Stobaios in het begin van de vijfde eeuw n.C. voor zijn zoon een omvangrijke bloemlezing met thematisch gerangschikte citaten uit meer dan vijfhonderd Griekse auteurs: de 'Ἔκλογαι' ('Eclogae'). Onder de titel 'Περὶ εἱρμαρμένης καὶ τῆς τῶν γινομένων εὐταξίας' ('Over het fatum en de goede orde van gebeurtenissen', I.5.10-12) citeert de compilator een anonieme lyrische compositie, waarin de Moirai of schikgodinnen worden aanbeden.